Welke opleiding je ook kiest in eender welke academie, elk jaar zit er toch weer zo’n compleet nutteloze cursus bij. Deze keer gegeven door een fossiel, gehuld in vuilgroen ‘colbert’, te kleine ‘plastron’ en matbruine te hoog zittende ‘pantalon’. Nu, ik verheugde me oorspronkelijk wel op deze cursus met als indrukwekkende titel “Informatica met inleiding op nieuwe communicatietechnologieën”, maar het bleek anders te zijn.
Hij wist niet wat ons te geven, stootte toevallig op een technisch prehistorische informaticacursus en schotelt ons nu de hele blablabla voor, zogezegd de basis over het IC van de chip, de besturingsbussen en ‘faisable links‘ die je kan plaatsen. Wetenswaardigheden die ik tijdens het verslagen van een oorlog of het schrijven van een scenario over de onafhankelijkheid van Ierland, helemaal kan vergeten. Moet een schrijver weten hoe de zenuwbanen in zijn handen hem de weg naar zijn pen begeleiden? Het rottigste is dat we het ook moeten blokken voor een examen. Dat je ervoor kan buizen dus. Niet met mij. Desnoods blok ik dat ding klakkeloos vanbuiten. Ook al is mijn motivatie hiervoor bijzonder laag.
Vandaag was het een opmerkelijk korte les. De zon brandde door het glazen dak en ik had mijn oude, met gaten ventilerende jeans aangetrokken. Ik ging gescheurd en moeizaam de ‘control unit’ binnen, klaar voor een uurtje strijdt met mezelf, een karaktertest in braaf gehoorzamen aan het eentonige commando van de beul vooraan. Ik kwam nog maar net binnen of de bijl viel al voor mijn voeten.
‘Gij daar, met uw gat in uw broek, wat denkt ge hier te doen?’
‘PJ, meneer, de naam is PJ, meneer, dat weet u toch,’ ik vervolgde grappend ‘en beter een gat in mijn broek dan één in de begroting.’
Ik glimlachte. Hij niet.
Ik dacht om dan maar wat argumenten boven te halen ‘In de zomer draagt men zelfs een korte broek, meneer (ik moet wel vriendelijk blijven) en daar is zo’n klein scheurtje toch niets tegen?‘
Zijn hoofd begon een lichte zwelling te vertonen, plots zetten zijn stembanden uit:
’Dit is een hoogstaande academie en…‘ waarbij ik hem onderbrak ‘En u wilt er een martelkamer van maken zeker?‘
Woede, briesende geluiden, ik wilde nog snel mijn vel redden:
‘Sorry, we zijn toch volwassen mensen, laten we hier geen ruzie om maken.’
Maar het was te laat, een bordenwisser vloog mijn richting uit: ‘Eruit!‘
Het onderwijs heeft me al veel geleerd, onder andere hoe het niet moet.
Plaats een reactie